Bèta De eHealth Atlas is nog in opbouw: we verzamelen en controleren nog volop gegevens, dus inhoud kan onvolledig zijn.Inhoud nog onvolledig. Meer info

Belgische eHealth-referentiedatabank

Onafhankelijk naslagwerk · geen officiële bron bèta

Geavanceerd zoeken Hulp

Conceptrecord · Wettekst of verordening

Beweringen: Voorontwerp van wet over het elektronisch voorschrijven (GBA-advies 53/2024)

Atlas-ID voorontwerp-wet-elektronisch-voorschrift · 17 beweringen · 4 bronnen · Laatst geverifieerd 29-09-2026 · Release 2026.10.05-1

Historiek: dit voorontwerp is opgegaan in hoofdstuk 6 'Elektronisch voorschrijven' van de wet van 20 juli 2026 (BS 11 augustus 2026); de actuele inhoud staat op de pagina van die wet. Voorontwerp van wet dat volgens GBA-advies 53/2024 de essentiële elementen regelt van de gegevensverwerking bij elektronisch voorschrijven, vooral het gebruik van een databank van elektronische voorschriften. Artikel 10 legt het exclusieve en gecentraliseerde beheer van alle elektronische voorschriften (geneesmiddelen en verwijsvoorschriften) bij de FOD Volksgezondheid, het FAGG en het RIZIV, als gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken. Intramurale ziekenhuisvoorschriften vallen in eerste instantie buiten het ontwerp, transmurale wel. Het ontwerp regelt ook toegang, bewaartermijnen en pseudonimisering.

Hieronder staan de beweringen waarop de pagina over Voorontwerp van wet over het elektronisch voorschrijven (GBA-advies 53/2024) steunt: korte, eigen geformuleerde feiten, elk met de bron en de vindplaats waar je ze kan nagaan. Lees het artikel · Zo werkt de Atlas.

Beweringen 17 beweringen

BeweringSoortBronVindplaatsPeildatum
Het kader voor elektronisch voorschrijven is geen voorontwerp meer maar een aangenomen wet: de wet van 20 juli 2026 houdende diverse bepalingen inzake gezondheid, door de Kamer aangenomen en door de Koning bekrachtigd (bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 11 augustus 2026), bevat een hoofdstuk 6 'Elektronisch voorschrijven'. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit 20 juli 2026. - Wet houdende diverse bepalingen inzake gezondheid (hoofdstuk 6: Elektronisch voorschrijven) — FOD Justitie - Belgisch Staatsblad (FOD Sociale Zekerheid); 11-08-2026 SRC-4b2f15001c aanhef van de wet; hoofdstuk 6 (art. 71-80) 29-09-2026
De wet belast de FOD Volksgezondheid, het FAGG en het RIZIV met het exclusieve en gecentraliseerde beheer van alle elektronische geneesmiddelen- en verwijsvoorschriften. Ze zijn daarvoor gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken in de zin van de AVG. Wat het voorontwerp daarover voorstelde (art. 10), is daarmee geldend recht geworden. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit 20 juli 2026. - Wet houdende diverse bepalingen inzake gezondheid (hoofdstuk 6: Elektronisch voorschrijven) — FOD Justitie - Belgisch Staatsblad (FOD Sociale Zekerheid); 11-08-2026 SRC-4b2f15001c art. 78 (afdeling 4, gemeenschappelijke bepaling) 29-09-2026
Volgens GBA-advies 53/2024 (6 juni 2024) regelt het voorontwerp van wet over het elektronisch voorschrijven de essentiële elementen van de gegevensverwerking. Het gaat vooral om het gebruik van een databank van elektronische voorschriften. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 1, Introduction 26-09-2026
Volgens de memorie van toelichting (geciteerd in het GBA-advies) werkten de gezondheidszorg en de verplichte ziekteverzekering op dat moment enkel met het papieren verwijsvoorschrift. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 3, randnr. 5 26-09-2026
Volgens een visietekst van de vzw Recip-e steunt UHMEP voorlopig op de wet van 18 mei 2022 (diverse dringende bepalingen inzake gezondheid) en de Kwaliteitswet van 22 april 2019, in afwachting van een nog niet gestemde Digitaliseringswet. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Digitalisering verwijsvoorschriften: visie Recip-e vzw (V2) — Recip-e vzw (gehost door Vlaamse Beroepsorganisatie van Vroedvrouwen) SRC-8eca77d767 p. 7 26-09-2026
Artikel 10 van het voorontwerp belast de FOD Volksgezondheid, het FAGG en het RIZIV met het exclusieve en gecentraliseerde beheer van alle elektronische voorschriften (geneesmiddelen en verwijsvoorschriften). ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 11, randnr. 38 (art. 10 voorontwerp) 26-09-2026
Die drie administraties zijn volgens het voorontwerp gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken in de zin van de AVG. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 12, randnr. 38 (art. 10 voorontwerp, vervolg) 26-09-2026
Elektronische intramurale ziekenhuisvoorschriften vallen in eerste instantie buiten het voorontwerp en komen niet in de eengemaakte databank. Transmurale voorschriften vallen er wel onder: in het ziekenhuis opgesteld en erbuiten uitgevoerd, of omgekeerd. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 3, voetnoot 7 26-09-2026
Volgens het voorontwerp heeft de adviserend arts (art. 153 GVU-wet) toegang tot de inhoud van elektronische verwijsvoorschriften in de actieve omgeving, voor zover nodig en evenredig voor zijn wettelijke opdrachten. Ook de arts-inspecteur van de Dienst voor Geneeskundige Evaluatie en Controle (RIZIV) krijgt beperkte toegang. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 18, randnr. 71 (art. 6 §4, 1° voorontwerp) 26-09-2026
Volgens het voorontwerp blijft een elektronisch verwijsvoorschrift hoogstens één jaar in de actieve omgeving van de databank. Start de uitvoering in die periode niet, dan wordt het gearchiveerd. Start ze wel, dan blijft het nog vijf jaar actief. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 16, randnr. 61 (art. 6 §3 voorontwerp) 26-09-2026
Na archivering blijft een elektronisch verwijsvoorschrift volgens het voorontwerp dertig jaar bewaard in de archiefomgeving van de databank. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 17, randnr. 61 (art. 6 §3, 3° voorontwerp) 26-09-2026
De aanvrager van het advies beschrijft de beveiliging als versleuteling als vorm van pseudonimisering. Het rijksregisternummer wordt gepseudonimiseerd, vrije tekst wordt versleuteld en de volledige voorschriftboodschap wordt versleutelde tekst. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit Avis n° 53/2024 du 6 juin 2024 – avant-projet de loi relatif à la prescription électronique (CO-A-2024-141) — Autorité de protection des données (Gegevensbeschermingsautoriteit); 06-06-2024 SRC-e6152a2548 p. 8, randnr. 19 26-09-2026
De wet verplicht het elektronisch verwijsvoorschrift nog niet zelf: de Koning bepaalt bij een in de Ministerraad overlegd besluit vanaf welke datum het verplicht is. Die verplichting kan beperkt worden tot de verwijsvoorschriften die de ziekteverzekeringswet (GVU-wet) oplegt. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit 20 juli 2026. - Wet houdende diverse bepalingen inzake gezondheid (hoofdstuk 6: Elektronisch voorschrijven) — FOD Justitie - Belgisch Staatsblad (FOD Sociale Zekerheid); 11-08-2026 SRC-4b2f15001c art. 76, § 1 29-09-2026
De verplichting voor het elektronisch verwijsvoorschrift (art. 76) geldt niet voor elektronische ziekenhuisvoorschriften voor gehospitaliseerde patiënten. De Koning kan ze later wel op die voorschriften van toepassing maken. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit 20 juli 2026. - Wet houdende diverse bepalingen inzake gezondheid (hoofdstuk 6: Elektronisch voorschrijven) — FOD Justitie - Belgisch Staatsblad (FOD Sociale Zekerheid); 11-08-2026 SRC-4b2f15001c art. 77 29-09-2026
Voor de meeste types verwijsvoorschriften moet de zorg binnen maximaal 2 jaar na aanmaak starten; eens gestart heeft de zorgverlener in principe maximaal 5 jaar om de behandeling af te ronden (per type kan dat korter zijn). ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit F.A.Q. Digitaal verwijsvoorschrift — RIZIV; 04-05-2026 SRC-f063733151 p. 1, 'Geldigheids- en uitvoeringsperiode' 26-09-2026
De wet bewaart een elektronisch verwijsvoorschrift maximaal twee jaar na het opstellen in de eengemaakte databank. Kent het in die termijn geen begin van uitvoering, dan wordt het uit de databank verwijderd. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? feit 20 juli 2026. - Wet houdende diverse bepalingen inzake gezondheid (hoofdstuk 6: Elektronisch voorschrijven) — FOD Justitie - Belgisch Staatsblad (FOD Sociale Zekerheid); 11-08-2026 SRC-4b2f15001c art. 75, § 3, 1° 29-09-2026
Interpretatie: de wet (twee jaar om met de uitvoering te starten, daarna vijf jaar) sluit aan bij de RIZIV-FAQ (maximaal 2 jaar om de zorg te starten, daarna maximaal 5 jaar). De termijn van één jaar in de actieve omgeving uit het voorontwerp (GBA-advies 53/2024) staat niet in de aangenomen tekst. Daarmee is de tegenstrijdigheid over de geldigheid wettelijk beslecht. ↩ Toon in de tekst Klopt niet? interpretatie 20 juli 2026. - Wet houdende diverse bepalingen inzake gezondheid (hoofdstuk 6: Elektronisch voorschrijven) — FOD Justitie - Belgisch Staatsblad (FOD Sociale Zekerheid); 11-08-2026 SRC-4b2f15001c art. 75, § 3; vergelijk CLM-d95b5530 (FAQ) en CLM-da89cec2 (voorontwerp) 29-09-2026