Bèta De eHealth Atlas is nog in opbouw: we verzamelen en controleren nog volop gegevens, dus inhoud kan onvolledig zijn.Inhoud nog onvolledig. Meer info

Belgische eHealth-referentiedatabank

Onafhankelijk naslagwerk · geen officiële bron bèta

Geavanceerd zoeken Hulp

Conceptrecord · Use case of zorgproces

Thuishospitalisatie

Atlas-ID thuishospitalisatie · 54 beweringen · 11 bronnen · Laatst geverifieerd 27-09-2026 · Release 2026.10.01-7

Type
Use case of zorgproces
Jurisdictie
België (federaal/interfederaal)
Levenscyclus
in productie — Financieringskader via de nationale overeenkomst verpleeginrichtingen–verzekeringsinstellingen (artikel 4, § 9bis): in werking sinds 1 juli 2023 voor intraveneuze antibiotica en parenterale antitumorale behandeling; antimycotica en antivirale middelen retroactief vanaf 1 juli 2023 (wijzigingsclausule 29/3/2024). Tarieven geïndexeerd op 1/1/2026. De overeenkomst loopt tot 31/12/2026 zonder stilzwijgende verlenging (6de wijzigingsclausule van 14/10/2024); een opvolgende overeenkomst of verlenging vanaf 1/1/2027 werd niet gevonden (stand 27/09/2026). Definitie in artikel 2 w) van de ZIV-wet (sinds 9/9/2022); geneesmiddelen beperkt tot het KB van 22/06/2023. De pilootoproep van 2016 en de 12 pilootprojecten zijn historisch. Geen landelijk digitaal berichtmodel voor het klinische zorgplan gevonden.
Versie
Nationale overeenkomst van 12/12/2019, gecoördineerde tekst van 2/12/2025 (looptijd tot 31/12/2026); tarieven vanaf 1/1/2026 (omzendbrief VI 2025/315); FAQ versie juni 2026
Aliassen
thuishospitalisatie; ziekenhuis-aan-huis; hospitalisation à domicile; hospital at home; HAD
FR / EN
Hospitalisation à domicile / Hospital at home

Bij thuishospitalisatie krijgt de patiënt gespecialiseerde ziekenhuisbehandeling in zijn eigen leefomgeving. In België financiert het RIZIV dit sinds 1 juli 2023 via de nationale overeenkomst met de verpleeginrichtingen, voor intraveneuze antimicrobiële en parenterale antitumorale behandeling onder voorwaarden. Die overeenkomst loopt tot 31/12/2026 zonder stilzwijgende verlenging; een opvolger werd niet gevonden. Het ziekenhuis beschikt over een zorgprotocol; het ziekenhuiszorgteam start een multidisciplinair zorgplan met de specialist, de GMD-houdende huisarts, de ziekenhuisapotheker en de verpleegkundigen, en coördineert de informatiedoorstroming, bij voorkeur digitaal. Een kanaal of standaard is niet voorgeschreven. Alleen de administratieve meldingen aan het ziekenfonds lopen aantoonbaar via de elektronische facturatie en MyCareNet.

Relaties 10 Bronnen 11 Graaf

In het kort

✎ Reageer
  • Bij thuishospitalisatie krijgt de patiënt behandelingen die traditioneel in het ziekenhuis gebeuren, in zijn eigen leefomgeving[1].
  • Het RIZIV-financieringskader (nationale overeenkomst, art. 4, § 9bis) trad op 1 juli 2023 in werking[2] en is verlengd tot 31/12/2026, zonder stilzwijgende verlenging[3].
  • Het dekt intraveneuze antimicrobiële behandeling[3][3] en parenterale antitumorale behandeling[3].
  • Het ziekenhuis beschikt over een zorgprotocol dat alle betrokken zorgverleners volgen[3][3].
  • Het ziekenhuiszorgteam coördineert de informatiedoorstroming, bij voorkeur digitaal, zonder voorgeschreven kanaal[3].
  • Administratieve meldingen lopen via pseudocodes in de elektronische facturatie[3] en MyCareNet-opnamemeldingen[4].

Vraag of proces

✎ Reageer

Bij thuishospitalisatie krijgt de patiënt gespecialiseerde behandelingen die traditioneel in het ziekenhuis gebeuren, in zijn eigen leefomgeving toegediend[1]. Het financieringskader van de nationale overeenkomst omvat twee behandelvormen:

  • Intraveneuze antibioticabehandeling waarvoor geen oraal alternatief bestaat of beschikbaar is, met minstens vijf behandeldagen thuis[3]. Sinds de wijzigingsclausule van 29 maart 2024 geldt dit ook voor intraveneuze antimycotische en antivirale behandelingen onder dezelfde voorwaarden[3], retroactief vanaf 1 juli 2023[5].
  • Parenterale antitumorale behandeling met minstens drie behandeldagen thuis[3].

Een behandeldag is een dag waarop de geneesmiddelen worden toegediend[3]. De eerste twee toedieningseenheden worden in het ziekenhuis gegeven[3].

Actoren en rollen volgens de overeenkomst:

Actor Rol Claim
Ziekenhuiszorgteam Start het zorgplan en coördineert de informatiedoorstroming naar de betrokken zorg- en hulpverleners, bij voorkeur digitaal [3]
Arts-specialist (ziekenhuis) Blijft verantwoordelijk voor het toezicht op de behandeling [3]
Ziekenhuisapotheker (Ziekenhuisapotheker en het gedeeld medicatieschema) Verantwoordelijk voor voorbereiding, vervoer en toezicht op de aflevering van geneesmiddelen en medische hulpmiddelen. Volgt samen met de specialist de hele toedieningsperiode continu op [3][3]
GMD-houdende huisarts Levert informatie voor de beslissing en helpt het zorgplan opstellen, maar dient de zorg in principe niet zelf toe [3]
Toedienende (thuis)verpleegkundige Stemt de zorg thuis af en meldt problemen en risico's aan het ziekenhuiszorgteam volgens de gemaakte afspraken [3]
Patiënt of vertegenwoordiger Keurt de thuishospitalisatie goed op basis van schriftelijke informatie van het zorgteam [3]

De patiënt moet op elk moment de behandeling in het ziekenhuis kunnen voortzetten[3].

Huidige aanpak in België

✎ Reageer

Zorgprotocol. Het ziekenhuis beschikt over een zorgprotocol met minstens de kenmerken van de doelgroep, inclusie- en beëindigingscriteria en de inclusieprocedure[3]. Het protocol regelt ook onder meer procedures bij complicaties en de coördinatie tussen de partners, en alle betrokken zorgverleners volgen het[3]. Volgens de RIZIV-informatiepagina worden de concrete taakverdeling en de communicatieafspraken vastgelegd in samenwerkingsafspraken en zorgprotocollen[1].

Klinische informatiestromen. Voor elke patiënt wordt in overleg en met akkoord van de patiënt een multidisciplinair zorgplan opgesteld[3]. Daarbij zijn de specialist, de GMD-houdende huisarts, de ziekenhuisapotheker en de thuis- of ziekenhuisverpleegkundigen betrokken[3]. De overeenkomst regelt wie welke informatie doorgeeft, maar schrijft geen kanaal of standaard voor. Digitaal heeft enkel de voorkeur[3]. De stromen in het uitwisselingsregister (status 'productie' steunt op de contractuele informatieplichten van de overeenkomst, geldig tot 31/12/2026[3]; kanaal en feitelijk gebruik zijn niet vastgesteld):

Uitwisseling (register) Van → naar Inhoud Claim
thuishospitalisatie-zorgplan ziekenhuis → huisarts, thuisverpleging, ziekenhuisapotheek multidisciplinair zorgplan en behandelinformatie [3][3]
thuishospitalisatie-begin-einde-zorg ziekenhuis → huisarts, thuisverpleging, apotheek begin en einde van de thuishospitalisatie. De huisapotheker wordt ingelicht als die gekend is [3]
thuishospitalisatie-risicomelding thuisverpleging → ziekenhuis problemen en risico's over de gezondheidstoestand [3]
thuishospitalisatie-huisarts-alert ziekenhuis → huisarts zorgwekkende situaties [3]
thuishospitalisatie-patientinformatie ziekenhuis → patiënt schriftelijke informatie als basis voor de goedkeuring [3]

De medische anamnese over overgevoeligheid en allergische reacties moet strikt verzameld, geregistreerd en beschikbaar gesteld worden[3]. Een drager of formaat wordt daarvoor niet genoemd.

Geneesmiddelen en referentielijsten. De geneesmiddelen onder de overeenkomst zijn beperkt tot die bedoeld in het koninklijk besluit van 22 juni 2023 over de aflevering van geneesmiddelen en medische hulpmiddelen bij thuishospitalisatie[3]. De 'lijst van het FAGG' is de bijlage bij dat KB[4]. De vergoedbare geneesmiddelen staan in het RIZIV-referentiebestand van vergoedbare farmaceutische specialiteiten, onder het tabblad 'Home Hospitalisation'[4]. Die RIZIV-lijst is beperkter dan de FAGG-lijst[4]. Voor de ziekenhuisapotheek zijn dat dus twee verschillende referentielijsten (interpretatie).

Administratieve stromen. In afwachting van specifieke MyCareNet-berichten meldt het ziekenhuis het begin, het einde of een heropname via een pseudocode in de elektronische facturatie aan het ziekenfonds. Die melding staat ook op de patiëntfactuur[3] (register: thuishospitalisatie-facturatiemelding). Een MyCareNet-opnamemelding (berichten 721xxx) onderbreekt de thuisopname automatisch[4] (register: thuishospitalisatie-heropnamemelding). De verpleegkundige attesteert de toediening thuis volgens artikel 8 van de nomenclatuur[3].

Evaluatie. Ziekenhuizen en thuisverpleegkundigen stellen gegevens ter beschikking over kostprijs, duur, kwaliteit en behandelingsproces, met respect voor de privacywetgeving en de AVG[3]. Die gegevensopvraging vraagt een onderzoeksprotocol dat het Informatieveiligheidscomité moet goedkeuren[3].

Historiek. De pilootoproep voor thuishospitalisatie werd op 25 mei 2016 gelanceerd[6]. De resultaten van twaalf pilootprojecten dienden via de FOD Volksgezondheid als input voor het financieringskader[2], dat op 1 juli 2023 in werking trad[2]. Die pilots zijn historisch en zeggen niets over de huidige praktijk.

Regionale verschillen

✎ Reageer

Het financieringskader is de nationale overeenkomst verpleeginrichtingen–verzekeringsinstellingen, een federaal (RIZIV-)kader[3]. Er werden geen aantoonbare regionale verschillen gevonden. 'Programma thuishospitalisatie' is een van de programma's waarop het interfederaal actieplan eGezondheid 2026–2029 in eerste instantie focust; anders dan drie andere programma's draagt het niet het label 'interfederaal programma'[7]. De Vlaamse beleidsnota 2024-2029 noemt thuishospitalisatie als een van de thema's waarvoor het actieplan in fases inzet op digitale gegevensdeling[8][8]; zie Departement Zorg.

Verplichtingen en stimulansen

✎ Reageer
  • Rechtsgrond: de definitie van thuishospitalisatie staat sinds 9/9/2022 in artikel 2 (w) van de ZIV-wet[2]. De financiering loopt via de nationale overeenkomst, die via de zesde wijzigingsclausule (14/10/2024) verlengd werd tot 31/12/2026, zonder stilzwijgende verlenging[3]. De zevende wijzigingsclausule (02/12/2025, vanaf 1/1/2026) voegt oncologische telemonitoring aan de forfaits toe[3]. Een opvolgende overeenkomst of verlenging vanaf 1/1/2027 werd niet gevonden (gap, stand 27/09/2026). Voor de geneesmiddelen geldt het KB van 22 juni 2023[3].
  • Financieringsvoorwaarden (overeenkomst): de voorwaarden per behandelvorm[3][3], het zorgprotocol[3][3], het zorgplan[3], de schriftelijke patiëntinformatie[3] en de informatieplichten[3][3].
  • Forfaits en honoraria (niet-limitatief): het ziekenhuis kan per patiënt en per behandelvorm maximaal één opstartforfait per kalenderjaar aanrekenen[3]. Daarnaast zijn er forfaits per behandeldag voor zorgcoördinatie door een ziekenhuisverpleegkundige[3] en voor de afstemming door de verpleegkundige thuis[3], en een forfait voor de actief betrokken GMD-houdende huisarts[3]. Volgens de RIZIV-informatiepagina krijgt het ziekenhuis ook forfaits voor de bereiding en aflevering van geneesmiddelen door de ziekenhuisapotheker en voor de kost van medische hulpmiddelen[1]. De arts-specialist krijgt honoraria voor de initiatie en voor het toezicht per behandeldag[1]. De GMD-houdende huisarts krijgt honoraria voor de initiatie en voor het inroepen van zijn expertise door een arts-specialist[1]. De thuisverpleegkundigen krijgen onder meer honoraria voor de initiatie en de zorgafstemming in de thuissituatie[1]. De bedragen in de overeenkomst zijn basisbedragen. De tarieven werden op 1 januari 2026 lineair met 2,72% geïndexeerd[9].
  • Patiëntbijdrage: voor de meeste tegemoetkomingen mogen geen persoonlijke bijdrage, supplementen of vervoerskosten voor geneesmiddelen aangerekend worden[3].
  • Goede praktijk (aanbevolen): een SLA tussen het ziekenhuis en de diensten voor thuisverpleging[3]. Voor de informatiedoorstroming heeft digitaal de voorkeur[3].

Praktische betekenis voor ziekenhuizen

✎ Reageer
  • Het ziekenhuis is de coördinator: het zorgteam start het zorgplan en stuurt de informatie naar huisarts, thuisverpleging en apotheek[3][3]. De overeenkomst schrijft geen kanaal voor; de communicatieafspraken horen in samenwerkingsafspraken en zorgprotocollen[1]. Er werd geen landelijk FHIR-profiel, hubkanaal of gedeeld dossierproduct voor thuishospitalisatie gevonden (gap, geen bewijs dat het niet bestaat).
  • Looptijd van het kader: de overeenkomst loopt tot 31/12/2026 zonder stilzwijgende verlenging[3]. Wie op dit kader bouwt, moet de opvolging na die datum volgen.
  • Rol van de ziekenhuisapotheek: voorbereiding, vervoer, aflevering en continue opvolging liggen bij de ziekenhuisapotheker[3][3]. Het proces raakt dus de medicatieketen tot in de thuisomgeving; zie ook Gedeeld medicatieschema. De vergoedbare geneesmiddelen volgen de RIZIV-lijst, die beperkter is dan de FAGG-lijst[4].
  • Administratie: de melding van begin en einde loopt via pseudocodes in de elektronische facturatie[3]. Een heropname onderbreekt de thuisopname automatisch via MyCareNet[4].
  • Vergelijking met telemonitoring: de nationale overeenkomst bevat ook forfaits voor oncologische Telemonitoring in België[3]. Daar moet het monitoringsteam bij een noodzakelijke interventie de huisarts of thuisverpleegkundige binnen twee werkdagen informeren via de eHealthBox of telefonisch[3]. Voor thuishospitalisatie noemt de overeenkomst geen kanaal (interpretatie op basis van de geraadpleegde bronnen).
  • Aanbeveling (eigen): leg per partner (huisarts, thuisverpleging, huisapotheker) vast via welk bestaand kanaal het zorgplan, de begin- en eindmelding en de risicomeldingen lopen, bijvoorbeeld de hub (Hubs-metahubsysteem), de eHealthBox of een gedeeld dossier zoals Vitalink. Neem die afspraken op in het zorgprotocol en in de aanbevolen SLA met de thuisverpleging[3]. Volg op of het digitaal verwijsvoorschrift (UHMEP) voor thuisverpleging hierbij bruikbaar wordt, en of er vóór 31/12/2026 een nieuw kader verschijnt.

Implementatievoorwaarden en beperkingen

✎ Reageer
  • De eerste twee toedieningen gebeuren in het ziekenhuis[3]. De patiënt kan altijd terug naar het ziekenhuis[3].
  • Het ziekenhuis moet over een zorgprotocol beschikken[3].
  • De evaluatie vraagt een onderzoeksprotocol dat het Informatieveiligheidscomité goedkeurt[3].
  • Specifieke MyCareNet-berichten voor begin en einde zijn nog niet aangetoond. De overeenkomst werkt voorlopig met facturatiepseudocodes[3].

Onzekerheden en tegenstrijdige informatie

✎ Reageer
  • Einde van het kader: de overeenkomst is verlengd tot 31/12/2026 zonder stilzwijgende verlenging[3]; de zevende wijzigingsclausule wijzigt de looptijd niet volgens het overzicht[3]. Een opvolgende overeenkomst of verlenging werd niet gevonden (stand 27/09/2026). Dat betekent niet dat er geen komt. De status 'productie' en de registerstatus van de uitwisselingen gelden onder dat voorbehoud.
  • MyCareNet: de overeenkomst spreekt van pseudocodes "in afwachting van" MyCareNet-berichten[3]. De FAQ noemt wel bestaande opnamemeldingen 721xxx die de thuisopname onderbreken[4]. Dat zijn verschillende berichtdoelen en geen bewezen tegenstrijdigheid. Of er intussen aparte begin- en eindberichten bestaan, is niet vastgesteld.
  • Datering: de FAQ draagt de versievermelding juni 2026[4]. De RIZIV-informatiepagina heeft geen zichtbare publicatiedatum (geraadpleegd 27/09/2026); de raadpleegdatum is geen publicatiedatum.
  • Bedragen: de overeenkomst geeft basisbedragen[3]. De actuele bedragen staan in de tariefbijlage die vanaf 1/1/2026 geldt[9].
  • Niet gevonden (gap): een publiek evaluatierapport met landelijke patiëntvolumes of uitkomsten, een verplicht digitaal berichtmodel voor het klinische zorgplan, en een kader voor thuishospitalisatie vanaf 1/1/2027.

Relaties 10 relaties · 3 hypothesen

RelatieDoelconceptTypeStatusToelichting
wordt gefinancierd door RIZIV (Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering) Organisatie vastgesteld RIZIV-overeenkomst (looptijd tot 31/12/2026), omzendbrieven en tarieven. [9][1][3]
zie ook FOD Volksgezondheid Organisatie vastgesteld Input uit de resultaten van twaalf pilootprojecten (historisch). [2]
zie ook Telemonitoring in België Overzicht of dossier hypothese Oncologische telemonitoring staat in dezelfde nationale overeenkomst. Een functionele koppeling met thuishospitalisatie is niet aangetoond. [3]
betrekt SAM v2 – Authentieke Bron Geneesmiddelen Gegevensbestand hypothese De vergoedbare geneesmiddelen staan in het RIZIV-referentiebestand (tabblad 'Home Hospitalisation'); een koppeling met SAM werd niet aangetoond. [4]
betrekt MyCareNet Platform of dienst vastgesteld Opnamemelding 721xxx onderbreekt de thuisopname. Begin en einde gaan voorlopig via pseudocodes in de elektronische facturatie (CLM-ee436735). [4]
betrekt Informatieveiligheidscomité (kamer sociale zekerheid en gezondheid) Organisatie vastgesteld Onderzoeksprotocol voor de opvraging van evaluatiegegevens. [3]
betrekt UHMEP en het digitaal verwijsvoorschrift (eReferral) Platform of dienst hypothese Interpretatie: de thuisverpleging wordt via het digitaal verwijsvoorschrift voorgeschreven. Er is geen bron gevonden die UHMEP aan thuishospitalisatie koppelt.
draagt bij aan Interfederaal actieplan eGezondheid Programma of initiatief vastgesteld 'Programma thuishospitalisatie' is een van de programma's waarop het actieplan eGezondheid 2026–2029 in eerste instantie focust (zonder het label 'interfederaal programma'). [7][8]
zie ook (inkomend) HL7 Belgium Patient Monitoring Outcome FHIR IG Standaard of specificatie vastgesteld [10][11]
gaat over (inkomend) Ziekenhuisapotheker en het gedeeld medicatieschema Overzicht of dossier vastgesteld [3]

Open vragen 6

  1. Welk financieringskader geldt vanaf 1/1/2027? De overeenkomst loopt tot 31/12/2026 zonder stilzwijgende verlenging; een nieuwe overeenkomst of wijzigingsclausule werd niet gevonden (stand 27/09/2026). Help deze vraag beantwoorden
  2. Welk interoperabel berichtmodel en welke kanaalafspraken (hub, eHealthBox, gedeeld dossier) gelden voor het multidisciplinaire zorgplan? Geen landelijk voorschrift gevonden; afspraken horen volgens het RIZIV in samenwerkingsafspraken en zorgprotocollen. Help deze vraag beantwoorden
  3. Zijn specifieke MyCareNet-berichten voor begin en einde van een thuishospitalisatie intussen operationeel naast de facturatiepseudocodes? Help deze vraag beantwoorden
  4. Welke evaluatieresultaten en deelname- of patiëntcijfers zijn publiek beschikbaar? Help deze vraag beantwoorden
  5. Hoe wordt het werk van de thuisverpleegkundige in thuishospitalisatie voorgeschreven en gedeeld, en speelt het digitaal verwijsvoorschrift (UHMEP) daarin een rol? Help deze vraag beantwoorden
  6. Welke concrete invulling krijgt het programma thuishospitalisatie binnen het actieplan eGezondheid? Help deze vraag beantwoorden

Bronnen 11 bronnen · alle bronnen

  1. Thuishospitalisatie voor oncologie en antimicrobiële behandeling. RIZIV. SRC-162614c24a Link werkt niet?
  2. Omzendbrief aan de algemene ziekenhuizen 2023/09 — Thuishospitalisatie. RIZIV; 29-06-2023. SRC-0554cefdde Link werkt niet?
  3. Nationale overeenkomst verpleeginrichtingen-verzekeringsinstellingen (gecoördineerd, incl. 7de wijzigingsclausule van 02/12/2025). RIZIV. SRC-1861d612b7 Link werkt niet?
  4. Frequently asked questions (FAQ) – Thuishospitalisatie. RIZIV. SRC-1946207460 Link werkt niet?
  5. Circulaire aux hôpitaux généraux 2024/08 — Avenant HOP2020sexies. INAMI; 05-06-2024. SRC-329f81ead2 Link werkt niet?
  6. Projets pilotes sur l’hospitalisation à domicile : la plus-value d’un DPI intégré. eHealth-platform; 19-07-2016. SRC-1c6aa6babc Link werkt niet?
  7. Interfederaal actieplan eGezondheid 2026-2029. RIZIV. SRC-65930577c3 Link werkt niet?
  8. Beleidsnota Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding 2024-2029. Vlaamse Regering (minister Caroline Gennez); 15-11-2024. SRC-1219cfe8df Link werkt niet?
  9. Omzendbrief VI nr. 2025/315 — Tarieven thuishospitalisatie 01-01-2026. RIZIV; 16-12-2025. SRC-7461bf1aa8 Link werkt niet?
  10. Patient Monitoring Outcome FHIR IG - index (bronbestand). HL7 Belgium. SRC-f8a8d41f10 Link werkt niet?
  11. Carepath Antitumoral therapy (bronbestand, DRAFT 2025-07-09). HL7 Belgium (GitHub hl7-be/patient-monitoring). SRC-bd7792bf46 Link werkt niet?
Record thuishospitalisatie · laatst geverifieerd 27-09-2026 · release 2026.10.01-7 · tekst onder CC BY 4.0, bronnen enkel gelinkt
Verbeter deze pagina
Hergebruik: Deze pagina als Markdown · JSON